Naar de inhoud

Woorden met ei voor kinderen

Geit, trein, plein en eiland: in al deze woorden schrijf je de korte ei. Luister naar elk woord, lees het in klankgroepen en onthoud hoe het geschreven wordt.

Klankgroepen met ei: kei, lei, mei, rei, wei

Tik op elke klankgroep om hem te horen.

ei

Woordenlijst: woorden met ei (38 woorden)

Tik op een woord om het te horen.

ei vooraan

ei in het midden

ei achteraan

ei in een langer woord

In klankgroepen: woorden met ei

Spel: luister en zoek

Luister naar een woord uit de lijst en zoek het tussen vier woorden die erop lijken. Acht rondes, ongeveer twee minuten.

Spel: bouw het woord met klankgroepen

Luister naar het woord en bouw het met de kaartjes. Zes rondes.

Kort antwoord

Welke woorden schrijf je met ei?

Bekende woorden met ei voor kinderen zijn ei, eiland, geit, trein, plein, klein, zeil, reis, wei, klei, reiger, seizoen, veilig en weiland. De ei klinkt precies hetzelfde als de ij, dus je kunt niet horen welke je schrijft. Woorden met ei zijn weetwoorden: je leert ze door ze vaak te lezen en te schrijven. Op school heet ei de korte ei en ij de lange ij, naar de vorm van de letters.

  • ei en ij klinken hetzelfde; welke je schrijft, moet je onthouden.
  • Op school heet ei de korte ei, omdat de letters niet onder de lijn komen.
  • Een vast rijtje helpt: een kleine geit in de wei, een trein op het plein.
  • Het achtervoegsel -heid schrijf je altijd met ei: vrijheid, waarheid.

De ei en de ij klinken in het Nederlands precies hetzelfde. Een kind kan dus niet horen of het geit of gijt moet schrijven: het moet het woord onthouden. Op school heten ze de korte ei en de lange ij, omdat de ij onder de lijn uitsteekt. De meeste ei-woorden zijn weetwoorden, maar het zijn er niet zo veel. Wie de lijst op deze pagina goed kent, schrijft de meeste woorden van groep 3 en 4 al goed.

Er zijn een paar houvasten. Het achtervoegsel -heid schrijf je altijd met ei (vrijheid, gezondheid). Woorden uit dezelfde familie houden hun ei: trein en treinen, reis en reizen, zeil en zeilboot. En een vast zinnetje helpt veel kinderen: de kleine geit staat in de wei, de trein rijdt over het plein. Voor de andere kant, zie woorden met ij; oefenen met beide samen kan bij ei of ij.

Kinderen met lees- en spellingproblemen hebben vaak lang moeite met ei en ij, omdat je het verschil niet kunt horen en dus moet onthouden hoe het woord eruitziet. Het helpt om weinig woorden tegelijk te oefenen, elke dag kort, en de ei in elk woord een eigen kleur te geven. Lees het woord, schrijf het, dek het af en schrijf het nog een keer. Een kind dat ei en ij na lang oefenen nog steeds door elkaar haalt, is in groep 4 geen uitzondering.

Zinnen om te lezen: woorden met ei

  1. De geit staat in de wei.
  2. De trein rijdt over het plein.
  3. Op het eiland woont een reiger.
  4. Ik maak een pot van klei.
  5. De boot heeft een groot zeil.
  6. Mijn broer is nog klein.
  7. We gaan op reis met de trein.

Oefeningen: woorden met ei

Het ei-rijtje

Maak samen een grappig zinnetje met zoveel mogelijk ei-woorden: de kleine geit reist met de trein over het plein naar de wei. Het kind zegt het zinnetje een paar keer op en schrijft het daarna op. Bij twijfel denkt het aan het rijtje.

Kleur de ei

Het kind schrijft tien woorden uit de lijst over en kleurt de ei steeds in dezelfde kleur, bijvoorbeeld geel zoals een ei. Bij de ij-lijst gebruikt het een andere kleur. Zo krijgt elke spelling een eigen beeld.

Lees, dek af, schrijf

Kies vijf woorden. Het kind leest een woord, dekt het af, schrijft het op en controleert het. Fout? Dan nog een keer. Herhaal de vijf woorden de volgende dag voordat er nieuwe bijkomen.

Veelgestelde vragen

Welke woorden hebben een ei?

Bijvoorbeeld ei, eiland, eik, geit, trein, plein, klein, zeil, reis, wei, klei, kei, reiger, seizoen, veilig en weiland. De lijst op deze pagina heeft 38 woorden met geluid.

Wanneer schrijf je ei?

Daar is geen klankregel voor: ei en ij klinken hetzelfde. De meeste woorden moet je onthouden. Een vaste regel is wel dat -heid altijd met ei is, en dat woorden uit dezelfde familie hun ei houden: trein en treinen.

Waarom heet het de korte ei?

Vanwege de vorm van de letters: de e en de i blijven boven de lijn, terwijl de ij een lange staart onder de lijn heeft. Het heeft niets met de klank te maken, want die is bij ei en ij hetzelfde.

Wat is een ezelsbruggetje voor ei?

Een zinnetje met ei-woorden, zoals: de kleine geit staat in de wei, en de trein rijdt over het plein. Wie het zinnetje kent, kan bij twijfel nagaan of een woord erin voorkomt.

In welke groep leren kinderen ei en ij?

Beide klanken komen in groep 3 aan bod bij het leren lezen. Het goed spellen van ei- en ij-woorden is een werk van jaren: in groep 4 en 5 komt het in de spellingles steeds terug.