Naar de inhoud

Begrijpend lezen groep 3: korte teksten

Sam heeft een rode bal: vijf heel korte teksten met woorden die je klank voor klank kunt lezen. Lees elke zin rustig, luister als je vastloopt, en beantwoord de vragen.

Teksten om te lezen en te begrijpen

Lees de tekst hardop of luister zin voor zin, en beantwoord de vragen. Met de stopwatch zie je hoeveel woorden per minuut je kind leest, om week na week te vergelijken.

Sam en de bal

Sam heeft een rode bal. Hij gooit de bal heel hoog. De bal valt in de sloot. Papa pakt de bal met een tak. Nu is Sam weer blij.

29 woorden

Vragen

  1. Welke kleur heeft de bal?

  2. Waar valt de bal in?

  3. Waarom is Sam weer blij?

De koe

De koe woont op de boerderij. Ze eet gras in de wei. Een koe geeft melk. Van melk maak je kaas.

21 woorden

Vragen

  1. Wat eet de koe?

  2. Wat geeft een koe?

  3. Wat maak je van melk?

Een briefje van mama

Lieve Noor, je brood zit in je tas. Er zit ook een appel in. Ik haal je om drie uur op. Kus van mama.

24 woorden

Vragen

  1. Wie schreef het briefje?

  2. Wat zit er ook in de tas?

  3. Hoe laat haalt mama Noor op?

De vis van Tim

Tim heeft een vis in een kom. De vis is klein en oranje. Elke dag geeft Tim hem een beetje voer. Dan zwemt de vis snel naar boven.

28 woorden

Vragen

  1. Waar woont de vis?

  2. Welke kleur heeft de vis?

  3. Waarom zwemt de vis naar boven?

Een slang van klei

Pak een stuk klei. Rol het heen en weer op tafel. Zo maak je een lange slang. Prik twee ogen met een potlood.

23 woorden

Vragen

  1. Wat pak je eerst?

  2. Hoe wordt de slang lang?

  3. Waarmee maak je de ogen?

Kort antwoord

Hoe oefen je begrijpend lezen in groep 3?

In groep 3 leert een kind vooral woorden verklanken, dus begrijpend lezen begint met heel korte teksten van vier of vijf zinnen met woorden die het al kan lezen, zoals bal, vis, koe en melk. Na het lezen stel je een paar eenvoudige vragen: wie, wat, waar. Een kind dat elk woord moet verklanken, vergeet soms wat er in de eerste zin stond. Daarom helpt het om de tekst twee keer te lezen: de eerste keer voor de woorden, de tweede keer voor het verhaal.

  • In groep 3 zijn de meeste woorden in een leestekst klankzuiver: je leest ze zoals je ze hoort.
  • Een korte vraag na het lezen leert een kind dat lezen over betekenis gaat, niet alleen over klanken.
  • Een tekst nog eens lezen helpt een kind de woorden sneller te herkennen.
  • Hardop lezen met een volwassene die meeluistert is in groep 3 de beste oefening.

De vijf teksten op deze pagina zijn heel kort: vier of vijf zinnen met vooral woorden die je klank voor klank kunt lezen, zoals bal, vis, koe en tak. Er staan twee kleine verhalen, een tekst over een dier, een briefje van mama en een instructie om een slang van klei te maken, want niet elke tekst lees je op dezelfde manier. Komt er een klank in die je kind nog niet heeft gehad, lees dat woord dan voor en ga verder. Klanken oefenen kan bij de klanken en de mkm-woorden.

Lees in drie stappen. Voor het lezen: lees samen de titel en vraag wat je kind verwacht. Tijdens het lezen: laat je kind een zin per keer lezen, met de vinger onder de woorden; loopt het vast, dan verklankt het het woord en leest daarna de hele zin opnieuw. Na het lezen: laat je kind in een of twee zinnen vertellen waar het over ging en maak dan de vragen. Lees de tekst de volgende dag nog een keer: het gaat sneller, en dat geeft vertrouwen.

Voor een kind dat erg moeizaam leest, kun je de tekst eerst zin voor zin laten voorlezen met de knop, en daarna dezelfde zin zelf laten lezen. Luisteren helpt om de tekst te begrijpen en durven te lezen, maar lezen leert je kind door zelf te verklanken. Ook leren lezen heeft oefeningen voor de eerste stappen.

Oefeningen: groep 3

Vinger onder de woorden

Je kind zet zijn vinger onder elk woord dat het leest. Zo ziet het waar een woord begint en eindigt en slaat het geen regel over. Gaat het goed, dan mag de vinger weg.

Teken de tekst

Na het lezen tekent je kind wat er in de tekst gebeurt: de rode bal in de sloot, de oranje vis in de kom. Aan de tekening zie je of het de details heeft begrepen, zoals de kleur.

Lezen als een echo

Jij leest een zin voor, je kind leest dezelfde zin meteen na, met de vinger onder de woorden. Wissel daarna om. Aan het eind leest je kind de hele tekst alleen.

Veelgestelde vragen

Wanneer kan een kind in groep 3 een korte tekst lezen?

Dat hangt af van de leesmethode van de school. Meestal kan een kind na een paar maanden korte zinnen met klankzuivere woorden lezen. Teksten van vier of vijf zinnen komen vaak in de loop van het schooljaar.

Mijn kind leest nog heel langzaam. Is dat normaal?

Ja, in groep 3 is lezen nog langzaam, omdat elk woord verklankt moet worden. Het tempo komt met oefenen en herhalen. Kan je kind aan het eind van het jaar nog geen korte woorden verklanken, bespreek het dan met de leerkracht.

Moet ik elke fout verbeteren?

Niet altijd. Verandert de fout de betekenis, stop dan en laat het woord opnieuw verklanken. Verbetert je kind zichzelf, geef dan een compliment. Te vaak onderbreken haalt het verhaal en het plezier weg.

Waarom vragen stellen bij zo'n korte tekst?

Omdat lezen begrijpen is. Een kind kan elk woord verklanken en toch niet weten wat er stond. Een of twee eenvoudige vragen leren al in groep 3 dat je leest om iets te weten te komen.

Mijn kind raadt woorden in plaats van ze te lezen. Wat nu?

Wijs het woord aan en laat je kind het klank voor klank lezen, zonder naar het plaatje te kijken of te gokken op de eerste letter. Prijs nauwkeurig lezen meer dan snelheid. Een tekst vaker lezen helpt ook om woorden echt te leren herkennen.